Jagen
Waarom jagen?
De jacht bestaat al zolang er mensen zijn. Vroeger moesten de mensen jagen om aan vlees te komen en ze gebruikten de huiden van de dieren als kleding. Mensen moesten jagen om te overleven.
Dat is tegenwoordig niet meer zo. Voor veel mensen is jagen een hobby geworden, ze jagen in hun vrije tijd. Een jager is graag in de natuur, hij zorgt voor het wild. Hij zal ook in het veld te vinden zijn als het jachtseizoen gesloten is, wanneer er dus niet gejaagd mag worden.
Bij een jager staat het wildbeheer voorop, niet het schieten van het wild. Maar om te voorkomen dat er te veel wild is of in het geval bepaalde dieren schade aanrichten een andere dieren of aan gewassen is afschot in die gevallen gewenst.
Jagers moeten in het bezit zijn van een jachtakte. De politie geeft alleen een jachtakte af als de aanvrager:
- minstens 18 jaar is
- het diploma van het jachtexamen gehaald heeft
- WA-verzekerd is voor de jacht
- aan kan tonen dat hij een jachtveld in Nederland heeft
- geen strafblad heeft
Jager worden
Voor jacht, faunabeheer en schadebestrijding gelden strenge regels. Daarom dient men een pittige jachtopleiding te volgen en te slagen voor het examen. Tijdens deze opleiding komt aan de orde:
. Kennis van de flora en fauna
. Wetskennis
. De verschillen tussen jacht, beheer en schadebestrijding
. Veilige omgang met een wapen
. Schietvaardigheid
De jachtopleiding wordt georganiseerd door de Stichting Jachtopleidingen Nederland, de SJN
( www.knjv.nl/sjn ).
Jachtwet en Flora- en Faunawet
In 1923 werd de eerste Jachtwet van kracht. Hierin was het landbouwbelang groter dan het belang van de jacht. De jacht was voornamelijk gericht op het bestrijden van schade die het wild aanbracht aan de gewassen. Slechts een klein deel van de wet was gewijd aan belangen van de jacht en er werd nog helemaal niet gesproken over natuurbescherming.
De maatschappij ontwikkelde zich intussen verder en daarmee veranderde ook het jachtbedrijf. Dit leidde in 1954 tot een geheel nieuwe Jachtwet waarin een goede afstemming plaatsvond van de belangen van de landbouw (schadebestrijding), de natuurbescherming (behoud van soorten) en de jacht. In 1977 werd de wet opnieuw gewijzigd op belangrijke punten en werd het jachtexamen ingevoerd dat men sinds die tijd moet afleggen voordat men mag jagen.
Sinds 1 april 2002 is er de Flora- en Faunawet. Alles met betrekking tot de jacht wordt nu hierin geregeld.
Deze wet(ten) kunt u vinden op de site van de overheid onder het kopje wet- en regelgeving.
Jachtseizoen:
| Haas |
15 oktober |
31 december |
| Wilde eend |
15 augustus |
31 januari |
| Fazant: haan |
15 oktober |
31 januari |
| Fazant: hen |
15 oktober |
31 december |
| Wild konijn |
15 augustus |
31 januari |
| Houtduif |
15 oktober |
31 januari |
| |
Konijn en houtduif staan op de vrijstellingslijst en mogen ook buiten het jachtseizoen worden bejaagd/bestreden. Eend mag alleen worden bejaagd van een half uur voor zonsopgang tot een half uur na zonsondergang
Zwarte kraai en kauw zijn landelijk vrijgesteld en kunnen dus gedurende het hele jaar geschoten worden ter voorkoming van schade aan landbouwgewassen en fauna. |
Hulpmiddelen
Wat een jager nodig heeft in het veld is een verrekijker, zijn geweer en gepaste kleding. Ook kan gebruik gemaakt worden van lokmiddelen, lokvogels, eendenkooien en bijvoorbeeld licht. In de wet staat vermeld welke middelen zijn toegestaan.
Verder horen in de jacht een jager en een jachthond bij elkaar. Een hond is nodig voor het ophalen van het aangeschoten wild. Om dat te kunnen doen moet de jachthond goed worden opgeleid. Dit kan de jager eventueel zelf doen, maar er zijn ook cursussen voor. Meer over de cursussen die de KNJV geeft kunt u vinden op hun website.

terug naar homepage
|